Direct boeken

Nicole Buch over haar Twente

Geschreven op maandag 29 oktober

Daar zit ik dan. Zaterdag 2 januari aan een tafeltje in de eetzaal beneden, met mijn laptop voor me. Ik staar door het raam naar buiten over het prachtige glooiende landschap.

Nicole

Buch

De coulissen waar ik zo van hou en ook de omgeving waar Menno zo van hield. Deze plek hier is speciaal en er liggen vele herinneringen. Ik denk dat het zo’n 17 jaar geleden is dat ik Menno voor het eerst hier mee naar toe nam. We gingen naar mijn moeder om haar kennis met Menno te laten maken en we overnachtten in wat vanaf dat moment ons favoriete hotel werd. Zodra we tussen alle drukke werkzaamheden door maar even tijd hadden, verbleven we in De Wilmersberg.

Het is voor het eerst sinds Menno’s overlijden dat ik hier alleen ben en dat voelt erg dubbel. Ik wordt fantastisch ontvangen door Boudewijn en Githa en hun staf, het is een warm bad en de plek is vertrouwd, maar het is ook lastig, want natuurlijk had ik het Menno zo gegund ook nog van deze geweldige plek te kunnen genieten.

Maar het is feest. Het is Oud & Nieuw en dat wordt goed gevierd. Met heerlijk eten, goede wijnen, een bedoeinentent, bankjes voor de deur met wolletjes en dekentjes erop en vuurkorven ernaast om na een lange wandeling neer te strijken met een glühwein en een oliebol.

’s Avonds is het genieten van een rijk en uitgebreid diner dansant: en voetjes van de vloer.

Betekenis van Twente

Als ik nadenk over wat Twente voor me betekent, denk ik vanzelfsprekend terug aan mijn jeugd in de natuur en tussen de paarden. Tegenwoordig vind ik er rust en door de ruimte om me heen, ontspint zich in mijn hoofd ook ruimte voor gedachten, gevoelens en creativiteit. Het is niet voor niets dat ik voor het schrijven van het boek BUCH, mijn ode aan Menno, me terug heb getrokken op een boerderij in Haaksbergen (http://buch.nl/boek/). Een prachtige plek, vlak bij het Buurserzand, waar ik vroeger als kind over paardreed, waar we een duik namen in het Buursermeertje en waar ik mijn middelbareschooltijd doorbracht op de De Bouwmeester.

Bezigheden

Het liefst zie ik Twente vanaf de rug van een paard. En de tukkers zijn gastvrij; er worden mij paardenruggen aangeboden waar ik wanneer het me uitkomt op kan klimmen om over zandpaden te klepperen en mijn hoofd leeg te laten waaien. Het is mijn gewoonte om iedere ochtend hard te lopen en ook daar heb ik in het oosten des lands mijn vaste rondjes voor.

Iedereen zal herkennen dat het heel vertrouwd is als je de plekken opzoekt waar je in je jeugd veel tijd doorbracht. Kasteel Twickel is zo’n plek. Als klein kind al brachten wij de schoolvakanties door bij een oudoom en -tante en reden we paard bij de manege die vroeger in het koetshuis bij het kasteel gevestigd was. Delden is sowieso een sfeervolle plaats. Menno en ik begonnen onze Twentebezoeken er steevast met een lunch bij Hotel De Zwaan, om vervolgens even door de Langestraat te slenteren. We wandelden er tussen de rhododendrons en luisterden er bijvoorbeeld naar de midwinterhoornblazers in de adventtijd, wat bij mij weer herinneringen aan vroeger opriep: mijn vader blazend bij de waterput bij de boerderij, zijn midwinterhoorn en klompen zorgvuldig uitgezocht bij een klompenmakerij in Weerselo. Met gespitste oren stond ik er als kind naast om te horen of er ergens vanuit de verte antwoord kwam.

Jarenlang was het traditie om met broertje Vincent en zijn vrouw Marije en later hun kindjes Mart en Thijmen, samen met mijn moeder Anna een lang weekend in augustus in De Lutte te verblijven en heerlijke fietstochten naar de kunstmarkt in Ootmarsum te maken.

En dan de ambachtelijkheid en het eten. Wij kochten ons vlees bij Erve Elferink in Denekamp, vonden het geweldig om op de koffie te gaan bij Gert-Jan Bruggink en zijn vrouw Pia, waar we weer even aan de internationale paardenwedstrijdsport snuffelden.

Toen ik afgelopen zomer op de boerderij ’t Laakmors het boek aan het schrijven was, had ik op een avond trek in Italiaans, ging simpelweg googlen en kwam terecht bij Verso in Enschede. Heerlijk en ook weer zo gastvrij. Als ik richting Oosten rij, stuur ik een appje en heeft men altijd een tafeltje voor me vrij. Ook als ik na een dag hard werken in Hilversum pas laat arriveer, er is altijd plek voor me en dat is bijzonder.

Wat nog meer nostalgie en inmiddels gewoonte is: zodra ik in het thuisland ben, rij ik binnendoor langs Hengevelde en koop net als vroeger kaas bij Keuper en haal bij bakker Nollen appelkoeken, die we vroeger altijd bij de koffie aten.

Al sinds begin jaren 70 ben ik in oktober op de military te vinden. Ik trek er zoveel mogelijk dagen voor uit om ook de inmiddels bevriende organisatie te ondersteunen waar ik kan. Menno was er gek op en noemde het ‘de Formule 1 onder de paarden’. Professionaliteit met Twentse charme. Ook zonder Menno pak ik de tradities zoveel mogelijk weer op. Met broer Martijn drink ik wat op het terras bij Café De Buren en ga eten bij Ribhouse Texas in Boekelo.

Nog een anekdote over Twentse gastvrijheid? Een kennisje had een leuke tas en zei: die verkopen ze gewoon bij de Douglas in Oldenzaal. De volgende keer dat ze er was stuurde ze me foto’s maar ik kon niet kiezen. Men stuurde mij gewoon twee tasjes op met het rekeningnummer erbij en het exemplaar dat ik niet koos retourneerde ik weer. Vertrouwen: een belangrijke pijler in het leven. Toen ik van de zomer bij de watermolen van Bels kwam, bleek dat ik de uitgezochte ansichtkaarten alleen cash kon betalen. Maar ik ben van de pin, heb eigenlijk nooit cash op zak. Ik kon de kaarten toch meenemen en kreeg een briefje met het rekeningnummer erop mee, dan kon ik het achteraf overmaken.

Twente is thuiskomen. Nog steeds. Overal voelt het goed. De mensen zijn warm, hartelijk en geïnteresseerd. En ondanks het gemis van Menno probeer ik er weer van te genieten. Want dat is wat hij op zijn sterfbed tegen me zei: ‘Lééf, mijn liefde, lééf. Geniet en vier het leven.’ Ik doe mijn uiterste best om ook dat geluk in Twente terug te vinden. Mijn paard Fanny ging na omzwervingen door het westen, in Twente met pensioen. Ik bracht haar terug naar haar vertrouwde omgeving en ze mocht haar oude dag slijten op de boerderij van onze vroegere buren. Menno en ik hadden ook onze oude dag in Twente willen slijten en misschien is dat wat ik uiteindelijk zelf in mijn eentje ook ga doen.